Basistheorie Leespraat

Ongeveer sinds 2008 hou ik me bezig met Leespraat. Ik heb verschillende workshops gedaan bij Hedianne Bosch van Stichting Scope (website onderaan deze pagina) en in september 2013 ga ik bij haar beginnen met de opleiding Leespraatbegeleider.

Korte uitleg over Leespraat

Leespraat is een methode om kinderen met Downsyndroom te leren lezen én te leren praten. Zoals je in dit artikel zal lezen, heeft dat in deze methode veel met elkaar te maken. Als je er op tijd bij bent, is het ideaal om met je kind te beginnen wanneer hij 2 of 3 jaar oud is. Op dat moment kunnen kinderen met Downsyndroom vaak nog niet (goed) praten, maar toch is dit een goed moment om te beginnen, omdat Leespraat begint bij visueel lezen en later overgaat in auditief lezen.

Stapel Kinderboeken  Veilig leren lezen?

De reguliere methode om te leren lezen is momenteel Veilig Leren Lezen. Dit is een methode die vereist dat kinderen al kunnen praten voordat ze beginnen met lezen. Een woord zoals MAAN wordt dan om te beginnen in drieën gehakt, namelijk M-AA-N. Deze drie klanken zeg je hardop en daarna moet je er in je hoofd het woord MAAN van maken en moet je dit woord hardop uitspreken. Deze methode van leren lezen is dus volledig gericht op het auditief korte termijn geheugen van je kind.

Kinderen met Downsyndroom zijn vaak visueel ingesteld en minder goed in het auditieve. Als een kind met Downsyndroom moet “hakken en plakken” kan het makkelijk fouten maken zoals: M-AA-N (hakken) wordt NAAR (plakken).

Leespraat: van visueel naar auditief en van globaal naar analytisch

De methode Leespraat is niet puur gericht op visueel leren lezen, maar begint bij visueel en gaat later ook het auditieve erbij betrekken. Om te beginnen leer je je kind globaalwoorden aan. Globaalwoorden zijn woorden die een

Bij Uil Thuis

Bij Uil thuis van Arnold Lobel

kind kan leren op basis van hoe ze eruit zien. Een kind leert dan om dat woord te herkennen als plaatje en herkent zo dus een woord (in plaats van het te lezen volgens het “hakken en plakken”). Je kunt beginnen met de naam van het kind, maar je kunt ook beginnen met een ander woord dat in zijn interessegebied ligt, zoals bijvoorbeeld Dinosaurus. De lengte van een woord maakt bij deze methode dus niet uit, het woord hoeft immers niet gespeld, maar alleen herkend te worden.

Op deze manier leert een kind ongeveer 50 woorden globaal aan. Wanneer het kind deze woorden goed globaal kan lezen, ga je langzaamaan het auditieve lezen erbij betrekken. Hierbij ga je een kind letters (a,b,c,d etc.) en klanken (au,ui,eu,oe etc.) aanleren, zodat het kind leert dat verschillende woorden uit verschillende stukken zijn opgebouwd.

Vervolgens leer je een kind woorddelen herkennen door medeklinkercombinaties (br,kl,pr,st etc.),  klankgroepen (aas, iel, ok etc.) en lettergrepen aan te leren. Op deze manier kan een kind op een gegeven moment alle woorden die hij wil lezen, zonder dat hij alle woorden globaal leest.

Wat saai!

Zeker niet! Lezen met Leespraat is eigenlijk voor ieder kind heel boeiend. Omdat er geen vaste werkbladen, boeken en schriften zijn die met deze methode werken, maak je alles zelf. Daarbij heb je alle ruimte om in te gaan op de wereld van een kind. Dus als je kind niet wil beginnen met de woorden MAAN-ROOS-VIS dan begin je met DINOSAURUS-AU-SOEP. Alles kan, alles mag. Er zijn twee belangrijke regels in de keuze van je onderwerpen; het moet interessant zijn voor het kind en het moet relevant zijn.

Betekenisvol lezen

MAAN en ROOS zijn nou net twee woorden die een kind misschien niet heel vaak gebruikt. Terwijl jouw kind bijvoorbeeld wel vaak de woorden ETEN, SPEELTUIN, AU en POEPEN gebruikt. Je gebruikt dus woorden die een kind goed kan gebruiken. Daarbij horen dus niet alleen de werkwoorden en zelfstandig naamwoorden, maar ook woorden zoals: OP, KLAAR, NEE, VAN, NAAR, IS etc.

Stapel BoekenLeren lezen om te leren praten

De ondertitel van de methode Leespraat is “leren lezen om te leren praten”. Nu begrijp je misschien ook waarom het zo belangrijk is om je kind relevante dingen te laten lezen. Het lezen voor kinderen met Downsyndroom kan perfect worden gebruikt om beter te praten. Niet alleen kan een kind de woorden beter oproepen (al dan niet met visuele ondersteuning), een kind kan ook langere zinnen maken en is beter verstaanbaar.

En goed spreken en lezen is ontzettend belangrijk in deze maatschappij. Bedenk maar eens dat je niet kan lezen en jezelf mondeling niet goed kan uiten! Dan vallen er een hoop dingen weg die het leven toch een stuk makkelijker maken.

Prima, maar hoe doe ik dit dan allemaal?

Als je geïnteresseerd bent in nog meer informatie (bovenstaand artikel is tenslotte maar een zeer klein gedeelte van de daadwerkelijke theorie) hou dan deze website in de gaten.  In dit artikel wordt natuurlijk alleen maar de droge stof verteld, maar nog niets over hoe je dit bij je kind op een leuke manier kunt toepassen. Ik plaats daarom regelmatig nieuwe ideeën en uitprobeersels met betrekking tot de praktische kant van Leespraat.

Mocht je behoefte hebben aan een gesprek, dan kun je me bellen/mailen of een berichtje achterlaten op mijn website. Dan drinken we samen een kop koffie!

Kijk ook eens op de website van Stichting Scope van Hedianne Bosch (grondlegger van Leespraat) voor meer informatie over Leespraat, workshops, opleidingen en Leespraatartikelen!

Geef jouw reactie op dit artikel

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *